Hoofdstuk 11 boek ‘Werklozen in aktie’ de geschiedenis van de

Werklozen Belangen Vereniging Amsterdam, 1974-1992 /Amsterdam 1992

uitkeringsgerechtigden in aktie tegen de sollicitatieplicht

In het najaar van 1982 kondigde de vrouwengroep van de WBVA aan, dat zij eind november weer wilden gaan starten met akti-viteiten, speciaal voor vrouwen met een uitkering. In gesprek-ken met vrouwen was het de vrouwengroep duidelijk geworden, dat het functioneren van de sociale dienst toch wel als een van de grote knelpunten naar voren kwam; "urenlang moeten wachten, van het kastje naar de muur gestuurd worden, geen antwoord krijgen op je eigen vragen en wel lullige vragen van ambtenaren moeten beantwoorden, alle vooroordelen en noem maar op. Dan soms jankend thuiskomen, en eigenlijk niets meer te maken willen hebben met de sociale dienst, maar je moet, vanwege het geld!"1 Maandag 29 november was de eerste bijeen-komst van de vrouwen. Vanaf dat moment werd er gesproken over de "Vrouwen Steun Groep"(VSG). Al in 1982 was Erin van Broek-huizen in dienst gekomen van de WBVA, zij ging zich vooral met de aktiviteiten van de VSG bezig houden. De Vrouwen Steun Groep zocht kontakt met andere vrouwengroepen; er was in die eerste periode vooral veel samenwerking met groepen die buiten de gevestigde vakbeweging opereerden, zoals Vrouwen in de Bijstand, de Vrouwenvakbond en groepen kraaksters. Maar een lid van de VSG was ook aktief bij de ABVA-vrouwen en zij was tevens afgevaardigde in het Amsterdams Komitee Vrouwen Voor Ekonomische Zelfstandigheid. De uitgangspunten van dit komitee sloten goed aan bij die van de VSG omdat dit komitee immers streefde naar een zelfstandig recht op uitkering voor alle vrouwen die een onafhankelijk bestaan wilden opbouwen. In maart 1983 voerde de VSG aktie tegen de sollicitatieplicht. De vrouwen vonden, dat tegenover de plicht om te solliciteren zou horen staan, dat men ook een redelijke kans had om werk te vinden. Werkzoekenden hadden recht op volwaardig werk en op een goede arbeidsbemiddeling. Bij het arbeidsbureau kregen de vrouwen echter steeds te horen, u moet van ons niets verwach-ten, probeer het eens bij een uitzendbureau, let op adverten-ties. De vrouwen van de vrouwen Steun Groep gingen onderzoeken wat dit aktief naar werk zoeken voor hen opleverde. Zij hadden twee advertenties geplaatst waarin werd meegedeeld, dat een vrouw werk zocht. De eerste advertentie had betrekking op een vrouw met een lagere opleiding, die ervaring had met typ-werk, in de verpleging en als verkoopster. De tweede adver-tentie was van een wat hoger opgeleide vrouw, die een leuke, creatieve baan zocht en die in het bezit was van een atheneum-diploma en rijbewijs. De advertenties werden gedurende zes weken een maal per week in drie bladen geplaatst, nl de Volks-krant, de Telegraaf en het Stadsblad. De verwachting van de vrouwen was, dat er alleen pornografisch getinte "aanbiedin-gen" van werk zouden komen en geen serieuze aanbiedingen. De aktie was nog een heel georganiseer. Er moest een telefoonnum-mer geopend worden, dat niet voor andere doeleinden kon worden gebruikt, en er moest een rooster gemaakt worden voor de telefoondienst. Ook werden persoonsbeschrijvingen gemaakt van de vrouwen, die de advertenties zogenaamd geplaatst hadden. Alle reakties van de mannen die belden werden op band opgeno-men. "Zeer schokkend was, dat slechts een min of meer serieuze reaktie op de advertenties gekomen is, en dat de rest, zo’n 80 telefoontjes, reakties betrof van vieze mannen".2 Het waren alle aanbiedingen in de sfeer van relaxen, seksbedrijven en het escorteren van "heren".

Nadat alle reakties op band waren opgenomen werd een bandje gemonteerd, dat met behulp van een geluidswagen bij het ar-beidsbureau werd afgedraaid. In een pamflet dat tijdens de aktie werd uitgedeeld, werd gesteld, dat er geen volwaardig werk te krijgen was, en dat het zoeken ernaar tijdverspilling was. Ook werd gekonkludeerd, dat vrouwen nog steeds niet beoordeeld werden op hun capaciteiten. Voornamelijk lager geschoolde vrouwen moesten veel seksistische reakties over zich heen laten gaan. Het leek er volgens de Vrouwen Steun Groep op, dat vrouwen geen voorwaarden mochten stellen aan de kwaliteit van het werk. "Wij vinden daarom, dat het absurd is om mensen te dwingen zich beschikbaar te houden voor banen die er niet zijn, dat kontrole en strafkortingen uit de tijd zijn en slechts functioneren als machtsmiddel". De aktie van de vrouwen kreeg veel publiciteit. Er waren artikelen in de Volkskrant, Serpentine en Vrij Nederland.

Het Platform uitkeringsgerechtigden

Ook het Platform Uitkeringsgerechtigden is aan het begin van 1983 nog aktief. Op 24 januari blokkeerden uitkeringsgerech-tigden van het Platform het stadhuis. Ze plaatsten een slag-boom voor de ingang; ambtenaren die wilden passeren moesten eerst een rijksdaalder betalen. De actievoerders protesteerden hiermee tegen de eigen bijdrage, die zij zouden moeten betalen bij het innen van zichtcheques. Uitkeringsgerechtigden die op het postkantoor hun uitkering moesten halen via zo’n zichtche-que moesten eerst Ÿ 2,50 betalen voor dat ze hun geld kregen. De gemeente voerde deze maatregel in om de administratieve kosten van het verstrekken van zichtcheques te drukken. Actie-voerders stelden: de uitkeringen moeten niet Ÿ 2,50 omlaag maar Ÿ 400,- omhoog!3 De maatregel werd door de gemeente uitgesteld. Overigens zijn de zichtcheques later afgeschaft. Ook uitkeringsgerechtigden die een voorschot aanvroegen moes-ten daarna enige dagen op hun uitkering wachten. In Amsterdam ondersteunde het Platform uitkeringsgerechtigden de akties van Vrouwen in de Bijstand, die in januari werden gehouden.4 Op 20 januari 1983 werd een openbaar vervoer-aktie gehouden, onder het motto: openbaar vervoer 100% omlaag! uitkeringen op bijstandsniveau Ÿ 400 omhoog! Tijdens de aktie werd naar voren gebracht, dat het openbaar vervoer allang niet meer betaalbaar was, en dat de ontwikkeling, waarbij de prijzen van het open-baar vervoer omhoog gingen en de uitkeringen omlaag, gestopt moest worden.

Daarna zouden er echter niet veel aktiviteiten van het Plat-

form meer zijn; er ontstond onenigheid over de prioriteit van

bepaalde eisen. Ik zal daar nog op ingaan

aktiegroepen tegen sollicitatieplicht.

Werklozengroepen gingen aan het begin van 1983 steeds meer

protesteren tegen de sollicitatieplicht. Ik heb hiervoor al

aangegeven, dat ook bij de WBVA andere opvattingen begonnen te

ontstaan over de plaats van betaalde arbeid in de maatschap-

pij. Op landelijk niveau hield met name de Commissie Ori‰nte-

ringsdagen zich bezig met het begeleiden van groepen uitke-

ringsgerechtigden, waarbij nieuwe idee‰n naar voren kwamen. In

de brochure "arbeid anders" legden Raf Janssen en Agn‚s Elling

van de Commissie Ori‰nteringsdagen uit, wat er mis was met de

sollicitatieplicht. De sollicitatieplicht was overbodig omdat

de vakatures die er eventueel waren toch wel opgevuld zouden

worden; de meeste werklozen hebben liever een baan dan een

uitkering, dus ook zonder de dwang van de sollicitatieplicht

zou men proberen betaalde arbeid te krijgen. De sollicitatie-

plicht was frustrerend, omdat het mensen vastpinde op het

zoeken naar werk dat er niet was. En tenslotte blokkeerde de

sollicitatieplicht het realiseren van toekomstgerichte werke-

lijke oplossingen voor de werkloosheidsproblematiek. De kri-

tiek van de werklozengroepen had betrekking op het karakter

van de betaalde arbeid in onze maatschappij, en de doelstel-

lingen van de produktie. "Mensen moeten werken onder hi‰rar-

chische verhoudingen, in een maatschappelijke situatie van

verspilling vervuiling en overvloed. Velen waren van mening

dat er op zich voldoende geproduceerd werd om ieders bestaan

zeker te stellen, maar dat daarbij een volledige herverdeling

van werk, kennis, inkomen en macht nodig was. Hieruit zijn

ontwikkelingen als een basisinkomen voor iedereen, kleine be-

drijfjes op basis van arbeiderszelfbestuur e.d. te verkla-

ren."5

Op 19 januari 1983 kwamen enkele groepen die aktie voerden

tegen de sollicitatieplicht bij elkaar in Utrecht.6 Aanwezig

waren de groepen Beurs uit Groningen, de Werkgroep Afschaffing

Sollicitatieplicht (WAS) uit Utrecht, de Nederlandse Bond

Tegen het Arbeidsethos (NBTA) uit Amsterdam, een groep uit

Nijmegen "en nog wat verstrooid volk uit diverse plaatsen". De

bovengenoemde groepen werden alle in de loop van 1982 opge-

richt.7 De aanwezigen wilden bekijken of er tegelijkertijd in

diverse steden aktie gevoerd kon worden. Men besloot, de

eerste mei 1983 uit te roepen tot "Dag tegen het arbeidsethos

en de arbeidsplicht". Onder de leus "geen brief geschreven,

geen piek gekort, het is tijd dat de sollicitatieplicht afge-

schaft wordt" werd op 1 mei in veel plaatsen aktie gevoerd.8

In Arnhem werd de laatste betaalde baan werd begraven, zodat

de sollicitatieplicht niet meer nodig zou zijn. De aktie werd

georganiseerd door de Bond van Mensen Zonder Werk. In Gronin-

gen heeft de aktiegroep BEURS s’morgens vroeg om zes uur 220

geraniums rond het stadhuis geplant. Dit om aan te geven, wat

het betekende om als werkloze gedwongen te worden niets te

doen en thuis achter de geraniums te moeten zitten. Het aantal

van 220 werd gekozen, omdat er bij het arbeidsbureau 220

vacatures waren op 38.000 werklozen. Verder werd er nog aktie

gevoerd in Nijmegen, Enschede, Utrecht, Zutphen, Deventer en

Wageningen.9

Uitkeringsfront

Ook in Amsterdam vierden uitkeringsgerechtigden een alterna-tieve dag van de arbeid waarbij de sollicitatieplicht aan de kaak werd gesteld. Dat alles gebeurde op het Leidseplein en omgeving.

De bedoeling was een bundeling te maken van aktieve mensen en groepen, om de belangen van mensen met een uitkering opnieuw en beter aan de orde te stellen. De 1 mei viering leidde tot de oprichting van het "Uitkeringsfront". De oprichting van het Uitkeringsfront vond ook plaats als reactie op het mislukken van het "Platform Uitkeringsgerech-tigden". Een van de oorzaken voor het mislukken van het Plat-form was het ontbreken van overeenstemming over het doel van het samenwerkingsverband. Daar werd blijkbaar weinig over gediskussieerd, wat een gevolg was van pogingen, op korte termijn aktie te voeren. Een andere oorzaak voor het mislukken van het Platform was het feit, dat zonder meer werd gekozen voor een optelsom van eisen, waardoor voorbij werd gegaan aan plannen zoals die reeds bekend waren gemaakt door de regering. De vele eisen leidden tot het willen aanpakken van een scala van problemen, van woonlasten tot de eigen bijdrage voor ziekenfondsverzekerden en prijzen voor het openbaar vervoer. Volgens Harry Kuijper werden de activiteiten niet gericht op de uitkeringspositie van mensen.10 De afzonderlijke 1 mei viering van het Uitkeringsfront was uitdrukking van de wil om eigen punten m.b.t de positie van mensen met een uitkering duidelijk boven tafel te krijgen. Vooral de sollicitatieplicht en de strafkortingen stonden zoals gezegd centraal.11 De alternatieve 1 mei viering werd gehouden in de Melkweg, Paradiso en de Balie. In de Melkweg was er een afzonderlijk vrouwenprogramma. Er waren optredens van een vrouwentheatergroep "Theatra en van de band "Hairy Legs". Verder was er een informatiemarkt met stands over advies bij uitkeringen, alternatieve vrouwenprojecten en workshops.

In de Balie was er een ronde tafelgesprek, waar aan de orde kwam, hoe de strijd voor werklozenbelangen moest worden gede-finieerd, welke rol de vakbeweging en andere groepen daarin speelden en hoe ze zich tot elkaar verhielden. De bedoeling was daarbij te komen tot samenwerking tussen uitkeringsgerech-tigden, actief in vakbondsafdelingen en andere groepen.

S’avonds was er een algemene demonstratie onder het motto:

"samen in strijd tegen de crisis". Om zeven uur vertrok er een

stoet vanaf het Frederiksplein naar de Jaap Edenhal; daar werd

de manifestatie geopend door Jan Mannaert. Karin Adelmund

sprak namens de Vrouwenbond FNV.12

Landelijk Beraad Uitkeringsgerechtigden

In het voorjaar van 1983 werd het ook landelijk Beraad Uitke-ringsgerechtigden opgericht. Het LBU was een samenwerkings-verband van landelijke en plaatselijke organisaties van uitke-ringsgerechtigden, zoals het Steunpunt Vrouwen in de Bijstand en het landelijk WAO-beraad. De WBVA heeft als zodanig niet meegedaan aan het beraad, maar amsterdammers die ook aktief waren in het Uitkeringsfront, waren ook aktief in het LBU, zoals Guus Aarts en Jan van Os. De laatste had in Amsterdam een aktiegroep opgericht onder de naam JASSES. (Juist Amster-dam Sloopt de Strafkortingen En de Sollicitatieplicht) De vergaderingen van het LBU werden voorgezeten door Raf Janssen van de Commissie Ori‰nteringsdagen.

De opzet van het LBU was nadrukkelijk bedoeld om niet alleen op een defensieve manier te protesteren tegen de regerings-plannen, maar ook om door wat hardere akties eigen alternatie-ven aan de orde te stellen. De strategie van het LBU was, te proberen een inhoudelijke diskussie op gang te brengen over die alternatieven, zoals een basisinkomen en meer zeggenschap in de uitvoeringsorganen van de sociale zekerheid. De kritiek van het LBU sloot aan bij die van radikale groepen die zeiden dat al dat overleggen met politici niets opleverde, en dat radikale akties als bezettingen en betaalstaken en andere vormen van burgerlijke ongehoorzaamheid noodzakelijk waren. Het LBU gaf een nieuwe impuls aan de diskussie over de invoe-ring van een basisinkomen. Men had felle kritiek op de herzie-ning van het sociale zekerheidsstelsel zoals die op dat moment op stapel stond. Het LBU vond, dat de koppeling tussen arbeid en inkomen moest worden losgelaten. In deze tijd waren er steeds meer voorstanders van een basisinkomen. De Industrie-bond CNV pleitte in haar actieprogramma "Om de kwaliteit van het bestaan" voor een kombinatie van arbeidsduurverkorting en een basisinkomen. Ook de Voedingsbond FNV was daar voorstander van. Verder werd er een Werkplaats Basisinkomen opgericht, een samenwerkingsverband van diverse groepen. Ook politieke par-tijen, zoals de PPR, waren voorstander van een basisinkomen. In de Partij van de Arbeid werd een werkgroep ge‹nstalleerd die dat wilde propageren.

Het LBU bracht verschillende brochures uit, oa een over be-taalstaken. De makers wilden door deze brochure het aktiemid-del betaalstaken propageren; niet betalen van een produkt of dienst als vorm van verzet. "Betaalstaken is een manier om ons een deel van de maatschappelijke rijkdom toe te eigenen, die ons onthouden wordt, maar waar we recht op hebben". De staking werd daarbij gezien als onderdeel van een bredere strijd voor afschaffing van de sollicitatieplicht, en tegen het arbeids-ethos, gedefinieerd als: de moraal dat een mens slechts res-pekt verdient om wat hij/zij doet, waarbij alleen betaalde arbeid telt.13 De vertegenwoordigers van de belangenorganisaties die aan het LBU deelnamen wilden streven naar een duurzame vorm van samen-werking. Dit bleek echter al snel heel moeilijk te zijn. Er ontstond wantrouwen over de rol die er voor de reeds bestaande organisaties zou overblijven, waarna in het LBU werd bena-drukt, dat er bij de samenwerking van de verschillende organi-saties geen sprake zou zijn van het prijsgeven van de eigen identiteit. Er bleken echter ook inhoudelijke meningsverschil-len naar voren te komen. Er waren voor- en tegenstanders van een basisinkomen, de eis van het landelijk steunpunt vrouwen in de bijstand voor Ÿ 400,- erbij werd niet door iedereen gesteund.14 Bovendien ontstonden er meningsverschillen over de verbreding van de uitkeringsstrijd naar andere terreinen, zoals de vredesbeweging. Het WAO-beraad stapte uiteindelijk op vanwege meningsverschillen met Vrouwen in de Bijstand over het kostwinnersbeginsel.

De verhouding tussen het LBU en het FNV werd duidelijk bij de gang van zaken rond een demonstratie van de FNV op 11 juni 1983 Op 11 november 1982 was inmiddels het eerste kabinet Lubbers ge‹nstalleerd; ook deze regering stelde bezuinigingen op de overheidsuitgaven centraal in het beleid. daarnaast streefde de nieuwe regering naar loonmatiging. In het voorjaar van 1983 werd bekend, dat grote bezuinigingsplannen op stapel stonden en dat nieuwe konflikten tussen de vakbeweging en het kabinet zich aandienden.

De FNV besloot alvast op 11 juni een demonstratie in Utrecht

te houden, om een alternatief plan van de vakbonden voor de

bestrijding van de werkloosheid naar voren te brengen. De FNV

deed aanvankelijk ook mee aan de vergaderingen van het LBU. Er

ontstond op de derde vergadering enige onenigheid omdat de FNV

meedeelde, dat zij op 11 juni een eigen demonstratie ging

organiseren, dus buiten de LBU om, maar dat wel enkele organi-

saties die in het beraad zaten voor medewerking zouden worden

uitgenodigd. (Dus niet het LBU als geheel). Bovendien deelde

de vakbondsvertegenwoordiger mee, dat alleen eisen mochten

worden meegevoerd, waar de FNV achter stond, dus geen eis van

Vrouwen in de Bijstand " Ÿ400 erbij". De FNV dicteerde dus de

voorwaarden, waarop sommigen mochten meedoen. Het Landelijk

WAO-beraad kreeg wel een uitnodiging, maar Vrouwen in de

Bijstand niet, omdat hun eisen niet zouden passen in de FNV-

lijn. De organisaties, aangesloten bij het LBU besloten daarop

onuitgenodigd mee te doen aan de FNV-demonstratie, onder het

motto: "wij doen mee met de FNV, maar brengen onze eigen eisen

mee". Naast de 400 gulden eis en afschaffing van de sollicita-

tieplicht waren dat: woonlasten omlaag, goede rechtspositie

buitenlanders, afschaffing van het kostwinnersbeginsel en

herverdeling van betaalde en onbetaalde arbeid. Er werd een

groot spandoek gemaakt met als tekst "Het Uitkeringsfront komt

van de grond". Tijdens de demonstratie deelde het LBU 10.000

pamfletten uit. Er deden 60.000 mensen mee aan de demonstra-

tie.15

Tijdens de demonstratie werd opgeroepen, op Prinsjesdag weer met akties te komen. De demonstratie mocht geen "stoom afbla-zen" worden; vanaf dat moment werkten kritische vakbondsleden en uitkeringsgerechtigden aan akties om "Prinsjesdag aktiedag" tot een succes te maken. Zoals reeds gezegd was de FNV-demon-stratie bedoeld als een voorschot op de akties die zouden komen als de regering de bezuinigingen zou doorzetten. Die bezuinigingen en de reakties daarop worden behandeld in het volgende hoofdstuk.